De jonge vrouw keek op. Geschrokken legde haar boek weg. "O, het Woord van God."
Hij keek haar aan. "Meen je dat nou? Geloof je daarin? Wie heeft je verteld dat het Gods Woord is?"
Hij keek haar aan. "Meen je dat nou? Geloof je daarin? Wie heeft je verteld dat het Gods Woord is?"
Ze haalde haar schouders op. "God heeft het me zelf verteld," zei ze.
"God?" herhaalde hij vol ongeloof. "Hoe deed hij dat dan? Kreeg je een visioen? Of ontmoette je hem en zei hij toen: dit is mijn woord?"
De vrouw sloeg haar ogen neer. Ze joeg een paar vliegen weg van de bananen. Toen rechtte ze haar rug en keek omhoog naar de strakblauwe lucht boven het marktplein. "Meneer, kunt u mij bewijzen dat daarboven een zon is?"
"Rare vraag," schamperde hij, "de zon bewijst zichzelf. Ik voel haar warmte in mijn nek en ik zie het licht om me heen. Het is dag en geen nacht. Beter bewijs kan ik je niet geven."
De vrouw glimlachte naar hem. Ze zei: "dat is ook de manier waarop God tegen me zegt dat dit boek Zijn Woord is. Ik lees het en het verwarmt me en geeft me licht. Ik ontmoet Hem er in. Niemand anders dan Hijzelf kan dat doen en zo vertelt Hij me dat dit echt Zijn Woord is. Meer bewijzen heb ik niet nodig. Eh... wilde u sinaasappels meneer?"
Bron: Heel vrij vertaald uit het Engels š
I like her answer!
BeantwoordenVerwijderenMooi!
BeantwoordenVerwijderenWat mooi en hoe waar!♥
BeantwoordenVerwijderenPrachtig! Dank voor het delen.
BeantwoordenVerwijderenMooi
BeantwoordenVerwijderen