17 aug 2026

De verrassende parallellen tussen Petrus, Elia en Elisa

Door: ONE FOR ISRAEL (MESSIANIC JEWS IN ISRAEL)

Seth D. Postell

“Petrus stond op en ging met hen mee. Toen hij daar aankwam, brachten zij hem naar de bovenzaal. Alle weduwen stonden huilend om hem heen en lieten hem de onder- en bovenkleren zien die Dorkas gemaakt had toen zij nog bij hen was. Maar Petrus stuurde iedereen naar buiten, knielde neer en bad. Daarna keerde hij zich naar het lichaam en zei: ‘Tabitha, sta op!’ Zij opende haar ogen, en toen zij Petrus zag, ging zij overeind zitten.” (Handelingen 9:39-40)

De wonderlijke opwekking van Tabitha uit de dood gebeurt niet zomaar in een bovenzaal. Lukas vertelt het verhaal met woorden en motieven die sterk doen denken aan Elia en Elisa. Ook zij werden naar een bovenkamer geroepen, waar iemand uit de dood werd opgewekt (1 Koningen 17:19-23; 2 Koningen 4:21-22, 32-37).

Die parallellen zijn belangrijk. Ze helpen ons te zien wat deze wonderen binnen het grote geheel van de Schrift betekenen. Door de overeenkomsten met Elia en Elisa wordt Petrus getekend als een man van God, een ware profeet die Gods Woord betrouwbaar verkondigt (zie 1 Koningen 17:24).

Maar er gebeurt nog iets. Uit de bredere context van Handelingen blijkt dat het uiteindelijk de Heere Jezus Zelf is Die Tabitha uit de dood opwekt (zie Handelingen 9:34-35). Zo ontstaat er een opvallende parallel tussen de Heere, de God van Israël, en de Heere Jezus Christus (1 Koningen 17:20-21, 24; 2 Koningen 4:27-28, 30, 33).

Jezus is werkelijk Heer.

Ook de tijd waarin dit gebeurt, is veelzeggend. Elia en Elisa dienden in dagen waarin Israëls leiders de God van Israël hadden verworpen en Gods ware profeten zwaar werden vervolgd. Toch liet God Zijn volk niet los. Hij bewaarde een overblijfsel... een teken dat Hij trouw bleef aan Zijn beloften aan Israël (1 Koningen 19:14, 18; zie Romeinen 11:2-4).

In Handelingen zien we iets vergelijkbaars. De leiders van Israël hadden Jezus verworpen en Zijn volgelingen kregen te maken met hevige vervolging (zie Handelingen 8:1 e.v.).

Juist daarom zullen deze parallellen voor de eerste gelovigen zo bemoedigend zijn geweest: houd vol. God is nog steeds dezelfde. Zijn beloften staan vast, ook wanneer alles om je heen het tegendeel lijkt te zeggen.

En die bemoediging geldt nog steeds. Als volgelingen van Jezus, midden in een wereld die soms volledig op zijn kop lijkt te staan, maken ook wij deel uit van datzelfde grote verhaal... een verhaal vol hoop.

“Al deze dingen zijn hun overkomen als voorbeelden voor ons, en ze zijn opgeschreven tot waarschuwing voor ons, over wie het einde van de eeuwen gekomen is.” (1 Korinthe 10:11)


Origineel: Parallels between Peter and the prophets
Vertaald door: Aritha Vermeulen
___

ONE FOR ISRAEL (MESSIANIC JEWS IN ISRAEL)
Wij zijn een Israëlische bediening die is samengesteld uit Joodse en Arabische volgelingen van Yeshua (Jezus) die samen Israël tot zegen willen zijn door het evangelie online te delen, en de nieuwe generatie wedergeboren gelovigen les geeft op ons enige Hebreeuws sprekende Bible College in Israël. Ook helpen wij overlevenden van de holocaust door humanitaire hulp te verlenen.

ONE FOR ISRAEL (site)
FACEBOOK: ONE FOR ISRAEL
INSTAGRAM
TWITTER



PS
Op mijn plaatjes zie je Sarah. Ze hoort bij een stukje dat ik schreef op insta naar aanleiding van de opwekking van Tabitha uit de dood, in Handelingen 9.

Het beeld maakte ik met behulp van mijn AI-assistent. Ik beschreef in een prompt hoe ik Sarah voor me zag en wat er in de scène moest gebeuren: een jong Joods meisje dat door de straten van Joppe naar huis rent, vol van wat ze zojuist heeft gezien.

Ze wil het iedereen vertellen: Tabitha leeft. En Jezus ís de Messias.

8 aug 2026

Wat is echt geluk?

Door: ONE FOR ISRAEL (MESSIANIC JEWS IN ISRAEL)

Torahgedeelte voor week 47:
Deuteronomium 11:26–16:17

Re’eh - Zie!

Geluk is iets waar mensen hun hele leven naar zoeken. Om dat doel te bereiken, zijn we bereid veel tijd, energie en geld te besteden. Maar wat is werkelijk geluk? Is het echt te vinden?

Misschien voel je je op dit moment van je leven in diepe wanhoop en frustratie over wat het leven je tot nu toe heeft gebracht. Misschien draag je pijn en boosheid met je mee... precies het tegenovergestelde van geluk.

De Bijbel heeft veel te zeggen over geluk en over de vraag waar het werkelijk te vinden is. Het gedeelte dat we deze week lezen, spreekt daar rechtstreeks over.

Verbaast het je dat het onderwerp geluk zelfs voorkomt in het boek Deuteronomium? Veel mensen denken immers dat dit deel van het Oude Testament alleen maar gaat over geboden en waarschuwingen van een afstandelijke en onvriendelijke God, aan een oud volk dat Israël heet.

Sta eens stil bij deze verzen:

“Daar moet u voor het aangezicht van de HEERE, uw God, eten en u verblijden, u en uw gezinnen, over alles wat u ter hand genomen hebt, waarin de HEERE, uw God, u gezegend heeft.” (Deut. 12:7)

“En u moet zich verblijden voor het aangezicht van de HEERE, uw God, u, uw zonen en uw dochters, uw slaven en uw slavinnen, en de Leviet die binnen uw poorten is.” (Deut. 12:12)

“En u moet zich voor het aangezicht van de HEERE, uw God, verblijden over alles wat u ter hand genomen hebt.” (Deut. 12:18b)

“Daar moet u voor het aangezicht van de HEERE, uw God, eten en u verblijden, u en uw gezin.” (Deut. 14:26b)

“En u moet zich verblijden voor het aangezicht van de HEERE, uw God, u, uw zoon en uw dochter, uw slaaf en uw slavin, de Leviet die binnen uw poorten is, de vreemdeling, de wees en de weduwe die in uw midden zijn, op de plaats die de HEERE, uw God, zal uitkiezen om Zijn Naam daar te laten wonen.” (Deut. 16:11)

Alleen al in het gedeelte van deze week komt het woord ‘verheugen’ (verblijden) zeven keer voor. In deze hoofdstukken wordt vaker over vreugde en zich verheugen gesproken dan in de rest van de Pentateuch. Dat roept een vraag op: waarover heeft Israël zoveel reden om zich te verheugen, dat zelfs de slaven, de wezen en de weduwen daarin delen?

Het antwoord is: Israël heeft ontzettend veel om God voor te danken!

Terwijl het volk wordt voorbereid om het beloofde land binnen te gaan, herinnert Mozes Israël eraan dat God hen in Zijn barmhartigheid en liefde heeft uitgekozen en uit de slavernij in Egypte heeft verlost. Veertig jaar lang is Hij trouw met hen meegegaan door de woestijn en heeft Hij voorzien in wat zij nodig hadden. Ook heeft Hij hun wetten en geboden gegeven die bedoeld zijn voor een gezond en gezegend leven, met daarin zelfs bescherming en rechten voor slaven, wezen en weduwen.

En alsof dat nog niet genoeg is, laat de context van de verzen die we zojuist lazen zien dat God Israël ook op het punt staat hen in hun eigen land te brengen. Daar zullen zij kunnen wonen, het land kunnen bewerken en als vrij volk kunnen leven. Niet langer in slavernij onder Egypte.

Het hoogtepunt van ons gedeelte laat bovendien zien dat God alle afgoderij uit het beloofde land zal verdrijven en een plaats voor Zichzelf zal uitkiezen waar Hij door middel van de offers en de feesten aanbeden en gediend zal worden. Het is een prachtig profetisch beeld van een heel volk dat als families bijeenkomt, samen met de vreemdelingen en de dienaren die in het land wonen, om tijdens de Bijbelse feesten te genieten van de gemeenschap met elkaar en van de aanbidding van hun God.

Verlang jij naar geluk, maar kun je het niet vinden in geld, plezier of wat de wereld je vandaag ook aanbiedt? De sleutel tot werkelijk en blijvend geluk wordt gevonden in Degene die groter is dan jij en ik: Degene die Zijn leven voor jou heeft gegeven en wacht totdat jij je tot Hem wendt om liefde, vergeving en vreugde te ontvangen... Yeshua, de Messias.

Voor ons, Joden en heidenen die Yeshua de Messias volgen, is dit gedeelte een duidelijke herinnering dat we alle reden hebben om ons te verheugen, ook wanneer het leven soms zwaar is. We zijn uitgekozen, verlost van afgoden en zonde, vergeven en welkom geheten in een herstelde relatie met de God van Israël. En tot op de dag van vandaag heeft Hij trouw voorzien in wat we nodig hadden.

Het is bovendien interessant dat het Hebreeuwse woord ‘verheug je’ grammaticaal als een gebod wordt gebruikt en niet als een gevoel dat het ene moment aanwezig kan zijn en het volgende moment verdwenen. Dat helpt ook te begrijpen waarom Paulus in Filippenzen 4:4 zegt:

“Verblijd u altijd in de Heere; ik zeg het opnieuw: Verblijd u.”

Dát is wat werkelijk geluk is.

Kies er vandaag voor om je te verheugen en herinner je alles wat God voor je heeft gedaan.

Origineel:  What is true happines 
Vertaald door: Aritha Vermeulen

Five Alive offers a textual sensitive Messiah-centered reflection on the weekly Torah from an Israeli Messianic perspective.
___

ONE FOR ISRAEL (MESSIANIC JEWS IN ISRAEL)
Wij zijn een Israëlische bediening die is samengesteld uit Joodse en Arabische volgelingen van Yeshua (Jezus) die samen Israël tot zegen willen zijn door het evangelie online te delen, en de nieuwe generatie wedergeboren gelovigen les geeft op ons enige Hebreeuws sprekende Bible College in Israël. Ook helpen wij overlevenden van de holocaust door humanitaire hulp te verlenen.

ONE FOR ISRAEL (site)
FACEBOOK: ONE FOR ISRAEL
INSTAGRAM
TWITTER

5 aug 2026

Trouw in het kleine!

 Vandaag kwam er een dagtekst langs:

Lukas 16:10 Wie trouw is in het minste, is ook in het grote trouw. En wie onrechtvaardig is in het minste, is ook in het grote onrechtvaardig.

Ik vond het meteen een mooie tekst. Trouw in het minste, trouw in het grote... Wat zei Jezus nog meer eigenlijk in dit stukje? Tegen wie en waarom? Ik had tijd, dus bekeek ik de context

In het Grieks staat niet letterlijk in het grote, maar in veel. Het woord pistos betekent trouw of betrouwbaar. Daartegenover staat adikos: onrechtvaardig, oneerlijk. Dat is scherper dan simpelweg onbetrouwbaar. Dus ongeveer zoals op het plaatje

En toen ik verder las, zag ik dat Jezus dit zegt na de gelijkenis van de onrechtvaardige rentmeester. Het gaat over wat iemand is toevertrouwd. Hoe ga je daarmee om? Ben je betrouwbaar wanneer het maar om iets kleins lijkt te gaan? Jezus betrekt dat vervolgens concreet op geld en bezit. Niet omdat dit het enige is waarop de tekst kan slaan, maar  ik denk vooral dat Hij dat deed omdat onze omgang met bezit veel laat zien over ons hart.

In de Joodse wereld van Jezus was bezit niet zomaar iets waar je volledig zelf over beschikte. Je leefde als rentmeester voor God. Dat sluit ook aan bij het Joodse begrip tzedakah: geven is niet alleen aardig of gul zijn, maar recht doen met wat God je heeft gegeven.

En toen kwam de tekst opeens heel dichtbij.

Voordat ik tot geloof kwam, was ik niet bepaald trouw in het geringste. Ik nam het met eerlijkheid niet zo nauw. Ik loog. Ik stal. Ik leende dingen en bracht ze niet altijd terug. Mijn en dijn waren bij mij soms nogal elastische begrippen

😓Daar ben ik niet trots op. 

Ik denk er niet graag aan terug. Nu ook niet dus. Maar deze woorden brachten me weer terug bij wie ik nu ben. Paulus schrijft ergens:

“En dit waren sommigen van u. Maar u bent gewassen…”
1 Korinthe 6:11

Dat is precies het wonder. Ik werd niet eerst steeds eerlijker om daarmee Gods genade te verdienen. God wachtte niet tot ik mezelf had opgeknapt. Hij was mij genadig terwijl ik nog midden in mijn oneerlijkheid zat. Tot mijn eigen verbazing ging ik Hem liefhebben. De woorden van Ruth kregen betekenis voor mij: “Uw God is mijn God.” En wanneer je echt van God gaat houden omdat Hij van jou houdt... wil je ook anders gaan leven. Daarom werd deze  tekst super belangrijk voor mij. Ik heriner het me terwijl ik hierover schrijf.

“Wandel voor Mijn aangezicht en wees oprecht.”
Genesis 17:1

In het Hebreeuws staat daar tamim: heel, integer, onverdeeld. Geen dubbel leven. Geen dubbele boekhouding voor Gods aangezicht. Sjonge... dat die woorden nu al veertig jaar met mij mee wandelen. Van mijn achttiende tot mijn achtenvijftigste. Over bergen en door dalen. Veertig jaar... dat klinkt bijna bijbels.

Wandelen voor Gods aangezicht is soms moeilijk. Oprecht leven gaat niet vanzelf. Er blijven plekken waarin Hij mij nog steeds leer om trouw te zijn, juist in datgene wat klein en onbelangrijk lijkt. Maar ik wandel niet alleen. Hij is mijn Helper. En de God Die mij oproept om trouw te zijn, is Zelf volkomen trouw. Dat heeft Hij al die jaren laten zien. Eigenlijk veel langer. 

En zo werd deze dagtekst voor mij meer dan een mooie spreuk. 

 Een spiegel en herinnering

Heb jij dat ook wel eens met een tekst uit de Bijbel?