Ik zag op Insta een plaatje dat me raakte. Deze tekst stond erop:
Werp Uw zorg op de HEERE, en Hij zal u onderhouden; Hij zal voor eeuwig niet toelaten dat de rechtvaardige wankelt
Werp jouw zorg!
Ik las de psalm. Daar kom je onrust tegen. Angst. Een hart dat beeft. Had ik maar vleugels, dan vloog ik weg. En dan komt het erge: het is geen vijand van buiten, maar een vriend. Een vertrouweling die David verraden heeft. Iemand met wie hij naar het huis van God ging. Dáár zit zijn pijn.
En midden tussen dat alles staat er ineens:
“Werp uw zorg op de HEERE.”
Dat woord “werpen” is het Hebreeuwse shalakh. Het betekent: van je af werpen, niet zelf blijven dragen. Geen voorzichtig neerleggen, maar echt loslaten. En wat moet er geworpen worden? Je zorg/last ... yehav: dat wat op je ligt. Dat waar je onder gebukt gaat. Iets concreets.
Shalakh. Werp het van je af. Er staat bij: op de HEERE. Dus niet zomaar weggooien, maar verplaatsen naar Hem toe. Wat op jou lag, komt bij Hem terecht.
En dan komt er achteraan: “Hij zal u onderhouden.”
Hij draagt. Hij houdt staande. Wat je ook overkomt. De situatie verandert niet direct. De vijand blijft. De pijn blijft. Maar het gewicht ligt niet meer op dezelfde plaats dat het je hart uit elkaar trekt.
Nieuwe Testament
In mijn Bijbel staat een verwijzing naar het Nieuwe Testament. Petrus pakt precies dit vers op. In 1 Petrus 5:7 schrijft hij:
“Werpt al uw zorgen op Hem, want Hij zorgt voor u.”
In de Griekse vertaling van Psalm 55 staat hetzelfde beeld: “werp op de Heere uw zorg.” Petrus neemt die lijn over wanneer hij schrijft: “al uw zorgen op Hem werpend.” Ik vond dat mooi om te ontdekken: Petrus bedenkt geen nieuwe vrome gedachte, maar grijpt terug op de psalm. Wat daar klinkt in de nood van Psalm 55, past hij toe op de gemeente: alles wat jullie bezighoudt, werp het op Hem... want Hij zorgt voor jullie.
Psalm 55: werp jouw zorg op de HEERE
1 Petrus 5 werp al jullie zorgen op Hem
En Petrus voegt er iets bij: “want Hij zorgt voor u/jullie”
Citaat:
Als gelovige ken je Jezus als Degene die je zonden draagt. Maar ken je Hem ook als Degene die je lasten draagt?
1 Timotheüs 1:13 ... Aan mij, die vroeger een godslasteraar was, een vervolger en een verdrukker. Maar mij is barmhartigheid bewezen.
Misschien ken je iemand die het christelijke leven saai is gaan vinden. Zo iemand loopt niet over van vreugde. Hij stemt in met de gedachte dat Christus gekomen is om zondaren te redden. Maar als je hem vraagt: Van welke zonden heeft Jezus jou verlost? weet hij niets te zeggen.
Als je niet kunt bedenken waar je vergeving voor nodig had, ervaar je ook niet veel liefde voor Christus en wat Hij deed aan het kruis. Je raakt gauw uitgekeken op het christelijke geloof.
Het is belangrijk om je zonden te herinneren.
Maar let wel op wannéér je je vroegere zonden met anderen deelt.
Sommige mensen kunnen geholpen worden door te weten hoe Christus jou heeft verlost.
Anderen zouden er mee geholpen zijn als ze het niet weten, zodat ze zich niet spiegelen.
Tip: Houd ook rekening met de mate van vertrouwen, de diepte van de relatie en de geestelijke rijpheid van de ander, als je er wèl iets wilt delen
Paulus’ zonden waren openbaar. Iedereen wist wat hij gedaan had. En hij gebruikt dat tot eer van God. Paulus is niet bang om zijn vroegere zonden onder ogen te zien. Hij leeft niet in ontkenning. Hij maakt geen excuses. Hij weet dat hij een zondaar is.
Het evangelie brengt deze eerlijkheid voort
Satan is er blij mee als je vergeet waar je vandaan kwam. Wat je zonden waren, en dat Hij het vergaf. Want dan zul je Christus niet zo intens meer liefhebben als in het begin, en ook niet meer groeien. Maar wanneer je je wèl zonden regelmatig "gedenkt", zal hij dáár weer misbruik van kunnen maken. Je influisteren wat een mislukkeling je bent.
Denk dan hier aan: "Er is geen veroordeling voor hen die in Christus Jezus zijn" (Rom. 8:1).
Laat de herinnering aan je zonden een middel zijn om Gods barmhartigheid groot te maken. Denk niet alleen aan je zonden maar ook aan het unieke van Zijn offer en Zijn vergeving.
Paulus zegt: “Kijk wie ik was! Als Gods barmhartigheid mij heeft kunnen redden, kun je vertrouwen op Zijn vermogen om jouw leven te veranderen, en ook het leven van anderen, hoe gebroken of weerbarstig zij ook op dit moment (nog) zijn.”
Ben je lauwe christen?
Laat de herinnering aan je zonden Gods barmhartigheid groot maken.
Vanmorgen stond ik te strijken en luisterde ik iets via Truth For Life naar Alistair Begg. Het was een korte meditatie. en hij stelde zichzelf deze vraag: “Am I seeing and teaching Christ in and from the Scriptures?”
Die vraag nam me meteen mee naar mijn vorige gemeente.
Een paar jaar geleden.
Er was een scheuring geweest en daarna verschoof alles. De focus kwam steeds meer te liggen op de TULIP-leer: wat klopt, hoe zit het precies, waar liggen de accenten. Doordeweeks avonden, vergaderingen, zondags dezelfde lijn. Want ja... de neuzen moesten dezelfde kant op staan en dat lukte maar niet.
“Am I seeing and teaching Christ in and from the Scriptures?” Nee. Hij ontbrak.
Hij was niet meer het hart van de prediking. Het ging over de leer. En na een jaar merkte ik: dit hou ik niet vol. Ik kwam op een avond thuis, echt moe... na weer een vergadering waar mensen discussieerden, elkaar de maat namen en soms gewoon de mond werd gesnoerd. En het enige wat ik dacht was: Heere, waar bent U? Help me.
Voordat ik naar bed ging, las ik Psalm 131. Mijn lievelingspsalm.
“... mijn ziel is als een gespeend kind bij U.”
Dat wilde ik. Zo zijn als dat kind. Bij Hem.Ik was klaar met de TULIP* zoals die daar functioneerde. Ik wilde Jezus terug.
De Jezus… die zei: “Komt tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven. Neemt Mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart; en u zult rust vinden voor uw ziel. Want Mijn juk is zacht en Mijn last is licht.”
Vanmorgen, bij die meditatie, was dacht ik opeens terug aan die tijd.
Hoe verward ik toen was en rust vond bij Hem.
Wat Alistair Begg vanmorgen zei, raakte precies dat punt. De echte toets van het geestelijke leven ligt niet in hoe scherp we de leer verwoorden, of hoe strak alles is afgebakend. De vraag is eenvoudiger en tegelijk veel dieper: zien we Jezus in de Schriften, leven we met Hem, en hoe gaan we om met een broeder of zuster die daar anders in staat, maar Hem wél liefheeft?
Ik hou van theologie, maar niet van een theologie die als een mal op een gemeente wordt gedrukt... ook niet als het de TULIP-leer is. Want het gaat mij om de Heere Jezus. Hij is het van Wie ik houd. Ik wil Hem beter leren kennen, meer van Hem ontdekken.**
*TULIP (achtergrondinformatie – niet mijn eigen positie)
** Efeze 3 Om deze reden buig ik (Paulus) mijn knieën voor de Vader van onze Heere Jezus Christus, naar Wie elk geslacht in de hemelen en op de aarde genoemd wordt, opdat Hij u geeft, naar de rijkdom van Zijn heerlijkheid, met kracht gesterkt te worden door Zijn Geest in de innerlijke mens, opdat Christus door het geloof in uw harten woont en u in de liefde geworteld en gefundeerd bent, opdat u ten volle zou kunnen begrijpen, met alle heiligen, wat de breedte en lengte en diepte en hoogte is, en u de liefde van Christus zou kennen, die de kennis te boven gaat, opdat u vervuld zou worden tot heel de volheid van God. Hem nu Die bij machte is te doen ver boven alles wat wij bidden of denken, overeenkomstig de kracht die in ons werkzaam is, Hem zij de heerlijkheid in de gemeente, door Christus Jezus, in alle geslachten, tot in alle eeuwigheid. Amen.